Overslaan en naar de inhoud gaan

Petrus Mys

Struikelstenen in Berlare
Bezienswaardigheid,
Erfgoed

Het verhaal van Petrus Mys is dat van een jonge man uit Moerzeke die tijdens de Tweede Wereldoorlog zijn leven gaf in de strijd tegen de Duitse bezetter. Als lid van het Belgisch Bevrijdingsleger werd hij op 19-jarige leeftijd gearresteerd en gedeporteerd naar meerdere concentratiekampen. Zijn lot bleef jarenlang onduidelijk, tot lokale geschiedschrijving en archiefonderzoek zijn naam en verhaal opnieuw onder de aandacht brachten. Wat volgt is een aangrijpend portret van moed, verzet, verlies én vergeten.

Als hulde aan Petrus Mys werd op 19 oktober 2025 een struikelsteen geplaatst.

Petrus Mys – Vermist politiek gevangene tijdens WOII

Geboren op 29 juli 1923 in Moerzeke
Vermist in Duitsland – voorjaar 1945

Als hulde aan Hector Vanhouwe werd op 19 oktober 2025 een struikelsteen geplaatst.

Arrestatie en verzetsactiviteit

Petrus Mys, geboren in Moerzeke, woonde sinds 1937 in Berlare waar hij als bakkersgast werkte bij Omer Kiekens in de Daaldreef 99. Hij werd in september of begin oktober 1942 op 19-jarige leeftijd opgepakt door de Duitse bezetter.

Petrus was actief in het verzet en werd door Emiel Hertecant gerekruteerd voor het Belgisch Bevrijdingsleger (BVL). Na zijn arrestatie werd hij samen met andere verzetslieden opgesloten in de gevangenis van Gent, om kort daarna gedeporteerd te worden naar verschillende Duitse kampen.

Het traject van een gedeporteerde

Een getuigenis uit het tijdschrift van de Heemkundige Kring Berlare (1987) werpt licht op het lot van Petrus. Vijf verzetslieden bleven aangehouden na een reeks razzia’s: Hector Vanhouwe, Alfons De Grauwe, Paul en Emiel Hertecant, en Petrus Mys.

Ze werden naar verschillende kampen gestuurd. Slechts twee van hen overleefden de oorlog: Hector en Paul. Petrus kwam in een ander kamp terecht, en vanaf dat moment zijn er enkel mondelinge getuigenissen beschikbaar. Hector hoorde van medegevangenen dat Petrus zou zijn overleden in Sonnenburg, rond de jaarwisseling 1944-1945.

Sonnenburg: het vermoedelijke einde

Sonnenburg, een voormalig tuchthuis nabij de Poolse grens, werd tijdens de oorlog gebruikt voor politieke gevangenen, vooral verzetsstrijders. Volgens getuigen lag Petrus ernstig verzwakt op de ziekenboeg toen de Russen naderden. De ziekenboeg werd niet geëvacueerd. Het kamp werd eind januari 1945 ontruimd; naar schatting 800 tot 1.000 gevangenen werden toen door de Gestapo vermoord.

Toen het Rode Leger in maart 1945 het kamp bevrijdde, troffen ze geen enkele overlevende meer aan.

Andere mogelijke scenario's

Hoewel Sonnenburg als meest waarschijnlijke plaats van overlijden wordt genoemd, bestaat er nog onzekerheid.

Het Studie- en Documentatiecentrum Cegesoma meldt dat Petrus op 12 oktober 1942 werd aangehouden en daarna verbleef in verschillende kampen: Gent, Bochum, Esterwegen, Hameln, Vechta en Sonnenburg.

Een ander verslag spreekt van deportatie naar Sachsenhausen eind november 1945, waarna hij niet meer werd gezien. Een latere getuige meent zelfs dat hij omkwam bij de scheepsramp met de Cap Arcona op 3 mei 1945 in Lübeck, maar dat lijkt minder waarschijnlijk.

Een bloedstollend archief

Met een volmacht van de familie kreeg de onderzoeker toegang tot het Cegesoma-archief in Brussel. Wat volgt is een schrijnend verhaal, pagina na pagina.

Een kopie van de originele veroordeling toont dat Emiel Hertecant en Alfons De Grauwe ter dood veroordeeld werden. Petrus kreeg 8 jaar tuchthuis – een straf die hij nooit zou overleven.

Originele documenten tonen zijn overplaatsingen tussen de verschillende kampen. Naar het einde van de oorlog toe werd steeds minder nauwkeurig geregistreerd. Zijn uiteindelijke lot blijft daardoor onduidelijk.

Moeder verliest haar gezin

De moeder van Petrus verloor tussen 1942 en 1945 haar man en drie van haar vier zonen. De vierde zoon overleefde de oorlog, maar sprak er nooit over.

Omdat haar zonen officieel niet meer bij haar woonden (ze stonden ingeschreven in Berlare als bakkersgasten), had zij volgens de administratie geen recht op een financiële tegemoetkoming. Ondanks herhaalde aanvragen bleef elke poging vruchteloos. Ze overleed op 17 mei 1947 – berooid en gebroken.

Bakkersgast in Berlare

Petrus werkte in een van de grootste bakkerijen van de streek. Het pand – Hertecantlaan 7 – bestaat nog, hoewel het later jarenlang dienstdeed als garage en inmiddels volledig gerenoveerd is.

In het huis zijn nog steeds sporen zichtbaar van die tijd: de oude slaapkamertjes van de bakkersgasten, de trap naar de oven, en het luik waarachter Petrus zich bij de eerste huiszoeking wist te verstoppen.

Bij een tweede inval bedreigde de bezetter de familie. Omer Kiekens en zijn echtgenote brachten Petrus op de hoogte. Hij besloot zich aan te geven om hen te beschermen.

Held en vergeten slachtoffer

Petrus’ jongere broer Fidelius verdronk later in het Donkmeer. Zijn oudere broer verdween al in 1941 en werd nooit teruggevonden. Als 15-jarige redde Petrus ooit een man van de verdrinkingsdood in de Schelde. Hij werd daarvoor in 1938 bekroond door het Carnegie Hero Fund én Prins Jean de Merode.

Nagedachtenis

Petrus Mys was geen officiële inwoner van Berlare, maar groeide op in Moerzeke. Zoals zovelen verdween hij in de anonimiteit van de geschiedenis. Zijn naam leeft voort dankzij getuigen zoals Hector Vanhouwe en Paul Hertecant, en de inspanningen van lokale historici en familieleden.

Zijn verhaal is dat van een gewone jongen met een uitzonderlijke moed.

Bron:
Gebaseerd op het artikel van Paul Van den Hende, gepubliceerd in het tijdschrift van HOK-Berlare (mei 2015).
Aanvullende getuigenissen en documenten uit het Cegesoma-archief, Rode Kruis, en familiearchief.

 

Petrus Mys

Home